Blijf bij jezelf

ALLES ZIT IN JOU
‘DATGENE WAAR JIJ VOOR wegloopt en datgene waar jij naar verlangt, zitten allebei in jezelf.’ Dat heeft de Indiase pastor Anthony de Mello gezegd. En inderdaad: veel mensen zijn op de vlucht voor zichzelf. Ze lopen weg voor hun angst of vluchten voor hun schuldgevoelens. Ze lopen weg voor dreigende situaties en conflicten met anderen. Maar alles waar zij voor wegvluchten, zit in henzelf. Ze kunnen helemaal niet weglopen voor zichzelf, want ze nemen alles mee.
Dat doet mij denken aan de man die probeerde te vluchten voor zijn eigen schaduw. Hij ging sneller lopen om zijn schaduw kwijt te raken. Maar zodra hij omkeek, zag hij zijn schaduw weer. Hij kon hem niet van zich afschudden. Hij jakkerde door en rende tot hij dood neerviel. Wij kunnen net zo min datgene afleggen waar wij voor weglopen. We nemen het mee, het zit in ons. Het heeft geen enkele zin om weg te rennen en je af te jakkeren. Wij zullen het op die manier nooit kwijtraken. Er blijft voor ons maar één ding over: blijven staan en ons verzoenen met datgene wat in ons is.
Wij doen de eerste stap in het proces van verzoening wanneer wij toestaan dat datgene waar wij het liefst voor zouden weglopen, in ons blijft en op deze manier niet van ons af te schudden is. We zien af van een beoordeling. Het is zoals het is. En het mag er zijn. Bij de tweede stap richten we ons vervolgens liefdevol op datgene wat wij in onszelf zo sterk afwijzen. Het hoort bij mij. Het is een deel van mijzelf. En ook dit deel wil geliefd worden.
Maar niet alleen deze angstreflex, ook het verlangen zit in ons en stimuleert ons: het verlangen naar een plek waar wij ons volledig thuis voelen, het verlangen naar liefde en geborgenheid. Dit verlangen kunnen wij niet doodslaan. Het is het spoor dat God diep in ons hart heeft gelegd om ons te herinneren aan Hemzelf. Het verlangen zit in ons als een kracht die ons boven deze wereld uit leidt. Ook datgene waar wij naar verlangen, zit altijd al in ons. Wij verlangen naar succes, naar liefde, naar waardering, naar vrede, naar geborgenheid. Dat zit allemaal al in mij. In mij is liefde. Ik hoef deze liefde alleen maar waar te nemen. In mij is geborgenheid. Wanneer het diepste geheim van het leven zelf in mij woont, kan ik mij thuis voelen in mijzelf. In mij is succes. Wanneer ik ja zeg tegen mijzelf zoals ik ben, voel ik mijzelf, voel ik vitaliteit en ruimte. Wat is dan succes? Mij lukt iets. En wanneer mij iets lukt, ben ik gelukkig. Het geluk is dus al in mij. Ik hoef het niet te kopen. Ik hoef het niet door uiterlijk succes te bereiken. Ik hoef alleen maar in harmonie te komen met mijzelf, blij te zijn met datgene wat uitgaat van mijzelf. Dan zal ik deze gelukkig makende harmonie zien als een kracht die op zichzelf voldoende is, maar ook een uitstraling heeft naar buiten. De waardering zit ook in mijzelf. Wanneer ik mijzelf waardeer, hoef ik niet achter de waardering aan te jagen. Dan is het niet meer zo belangrijk of de anderen mij waarderen.
Het aan het begin geciteerde inzicht van Anthony de Mello nodigt ons uit om onze verlangens nauwkeurig te bekijken, steeds weer stil te houden en ons ervan te vergewissen: al datgene waar ik naar verlang, zit al in mij. Wanneer ik stil blijf staan en naar binnen luister, vind ik alles al in mijzelf. Dat is de diepste waarheid van mijn leven: God is in mij. En daarmee is alles waar ik naar verlang, in mijn hart. Het is uiterst belangrijk om niet weg te lopen voor deze waarheid, maar stil te staan en haar onder ogen te zien. Hoe paradoxaal het ook klinkt: deze onderbreking is de voorwaarde voor alle menselijke en geestelijke vooruitgang.

MINOLTA DIGITAL CAMERA

OVERSCHAT JEZELF NIET
ALLE GODSDIENSTSTlCHTERS EN DE grote wijsheidsleraren van alle spirituele tradities van de mensheid laten ons gelijksoortige wegen zien van ware levenskunst. Hun wijsheid heeft een gemeenschappelijke bron, waaruit alle mensen, alle culturen en godsdiensten putten. ‘Drie dingen in het leven zijn ruïneus: woede, begerigheid en zelfoverschatting.’ Mohammed heeft dit inzicht geformuleerd. Het is vandaag de dag nog net zo actueel als bijna vijftienhonderd jaar geleden. En dit inzicht sluit aan bij de psychologie van christelijke kloostervaders die nog eerder dan Mohammed leefden.
De drie dingen die Mohammed als ruïneus voor het leven beschouwt, komen overeen met de drie domeinen waar de negen zonden uit voortkomen die Evagrius Ponticus, de waarschijnlijk belangrijkste christelijke monastieke auteur, in de vierde eeuw heeft beschreven. Evagrius onderscheidt net als de Griekse filosofie drie domeinen in de mens: het domein van de begeerten, het domein van de emoties en het geestelijke domein. En bij ieder domein brengt hij drie hartstochten onder, die in eerste instantie waardevrij zijn maar zich ook tot zonden kunnen ontwikkelen wanneer de mens er niet bewust en attent mee omgaat.
Het terrein van de begeerten waar Evagrius over spreekt, komt overeen met de begerigheid uit de analyse van Mohammed. Begerigheid kan betrekking hebben op eten (geschrans), op seksualiteit (ontucht) en op bezit (hebzucht). De gulzigaard kan niet genieten, noch van eten, noch van seksualiteit, noch van zijn bezit. Hij moet steeds meer naar binnen schrokken om zijn innerlijke leegte te camoufleren. Hij heeft steeds nieuwe seksuele contacten nodig om bij zijn innerlijke verkramptheid nog iets van vitaliteit te voelen. En hij is bezeten van bezit. Hij kan niet uitrusten, maar wordt voortgedreven om steeds meer te bezitten, in plaats van te genieten van datgene wat hij heeft, en daar blij mee te zijn.
Bij het terrein van de emoties maakt Evagrius onderscheid tussen droefheid, woede en akedia (lusteloosheid, loomheid). Maar alle drie de verkeerde emotionele houdingen hebben uiteindelijk te maken met onverwerkte woede. Agressie kan immers ook een positieve kracht zijn. Maar wanneer ik haar opkrop, ontwikkelt ze zich of tot depressie (droefheid, zelfmedelijden) of tot wrok en verbittering. Ofwel laat ze mij niet tot rust komen (akedia). Ze jaagt me constant op omdat ik niet weet hoe ik op adequate wijze kan omgaan met de energie van mijn agressie.
Bij het geestelijke terrein noemt Evagrius drie bedreigingen van de mens: zucht naar roem, jaloezie en hybris. Mohammed vat deze drie zonden samen in het begrip zelfoverschatting. Wie zichzelf overschat, loopt zichzelf voorbij en vernietigt zichzelf. Hij weigert zijn eigen werkelijkheid onder ogen te zien en te accepteren. De zelfoverschatting zal ertoe leiden dat hij op een bepaald moment van het voetstuk van zijn hoge zelfbeeld valt en ten onder gaat.

 

DE SCHAT IN JOU
HET SPROOKJE VAN DE drie talen laat met een mooi verhaal zien hoe wij moeten omgaan met onze hartstochten en emoties. In dit sprookje stuurt een graaf zijn zoon naar een leraar in een stad in het buitenland om hem iets zinvols te laten leren. Na een jaar komt hij terug. Hij heeft de taal van de blaffende honden geleerd. De vader stuurt hem vol woede naar een andere leraar. Maar ook hier voldoet hij niet aan de verwachtingen en wensen die zijn vader ten aanzien van hem heeft: hij leent de taal van de kikkers en in het derde jaar de taal van de vogels. De vader geeft het bevel hem te doden.
De dienaren hebben medelijden met hem, en daarom kan hij vluchten. Hij komt in een burcht en wil daar overnachten. Maar de kasteelheer kan hem alleen maar de toren aanbieden waarin wilde, blaffende honden huizen. Hij is echter niet bang voor die honden en praat vriendelijk met ze. Dan verraden ze hem dat ze alleen maar zo wild zijn omdat ze een schat bewaken. Ze helpen hem de schat op te graven, en de honden verdwijnen. De jongeman gaat verder naar het zuiden en komt langs een vijver waarin de kikkers over hem praten. In Rome is zojuist de paus gestorven. De kardinalen worden het erover eens dat God door een wonder zal aangeven wie zij tot paus moeten kiezen. Dan komt de jongeman de kerk binnen, en twee witte duiven gaan op zijn schouder zitten. Dat is voor de kardinalen het wonder, en zij kiezen hem tot paus. De paus is hier een symbool van het vermogen om anderen in hun leven te kunnen begeleiden. Met andere woorden: wij moeten eerst de taal van onze blaffende honden en de taal van de kikkers begrijpen om de taal van de geest te kunnen spreken. Waar de honden in ons blaffen, ligt ook de schat. Het komt er ook in ons leven op aan om de taal van deze elemen­taire krachten te begrijpen en de schat waar zij een symbool van zijn, in ons te ontdekken. Het kan erg bevrijdend zijn om je er niet meer voor te schamen dat er agressie en problemen zijn. Op het terrein waarop iemand de meeste problemen heeft, zou hij ook in contact kunnen komen met het beeld dat God van hem heeft gemaakt.

MINOLTA DIGITAL CAMERA

ONTMOET JEZELF
ONTMOET JEZELF – DAT IS een van de belangrijkste taken voor alle mensen die bezig zijn met hun innerlijke ontwikkeling. Voor de oude monniken was de ontmoeting met jezelf en het inzicht in jezelf de voorwaarde voor de ontmoeting met God. ‘Wil je beseffen wie God is, leer dan eerst jezelf kennen.’ Wie niet inziet wie hij zelf is, zal zijn onbewuste wensen en verlangens, zijn verdrongen behoeften op God projecteren. En dan aanbidt hij zijn eigen beelden en komt met in contact met de ware God, die altijd de geheel Andere is. Zelfinzicht bevrijdt ons van onze eigen illusies, en daardoor krijgen we een heldere en onbevangen kijk op deze geheel andere realiteit. God blijft dan niet meer een symbool van de eigen ziel, maar Hij ver­schijnt als de Werkelijke, die ons tegemoet treedt.
Het is een oud inzicht dat het in het geestelijk leven essentieel is goed om te gaan met de hartstochten van de ziel, los te komen van de macht van de door emoties gevormde gedachten en de toestand van innerlijke vrijheid te bereiken. Daarbij gaat het er steeds weer om de gevoelens niet te beoordelen, maar ze eenvoudigweg toe te laten en te bekijken. En wat ook steeds weer opnieuw uiterst belangrijk is: een gesprek voeren met je eigen gevoelens en hartstochten om de positieve kracht die daarin schuilt, vruchtbaar te maken voor Je innerlijke leven. Alleen wanneer jij je gevoelens toelaat en bekijkt, kan je geestelijke leven zich ontwikkelen. Dat laat overigens ook onze adem zien: onze adem heeft een integrerende structuur, voorzover hij in zijn beweging hoofd, hart en buik, verstand, gevoel en vitaliteit met elkaar verbindt. Hij verwijst in zijn dynamiek naar de weg van menselijke zelfwording: in het aannemen, loslaten, in de eenwording en nieuwe wording – dat allemaal ervaren we steeds weer opnieuw in de stroom van onze ademhaling.

GEEF VORM AAN JE EIGEN LEVEN
IEDEREEN MAG ZICHZELF DE vraag stellen: Waaruit put ik? Wat zijn mijn wortels? Waardoor worden mijn denken en voelen gevormd? En ook deze positieve impuls kan in het leven van ieder individu doorwerken: kijk dankbaar terug op datgene wat jij hebt ontvangen van de mensen die voor jou leefden, wat jij hebt ontvangen aan ideeën die anderen in deze wereld brachten. Ook door jou zelf heen wil iets nieuws gaan stralen. God is de eeuwig Nieuwe. Hij heeft ook met jou een nieuw begin gemaakt. Hij wil door jou nieuwe woorden, nieuwe gedachten, nieuwe oplossingen in deze wereld brengen. Geef je leven opnieuw vorm, zoals de eeuwig nieuwe God van jou ver­wacht.
Word capabel om je eigen leven te leven, opdat het een inspirerende bron wordt voor anderen. Heb de moed om je eigen leven te leven. Je bent niet vastgelegd door het raderwerk van jouw levenspatronen, die zich met hun scherpe nagels in jou boren. Een engel zal ook de raderen in jouw leven vernietigen, zodat jij je eigen leven kunt leven. Jij bent er niet toe veroordeeld om de situaties van het gekwetst-wor­den uit je kinderjaren te herhalen. Het raderwerk is stukgebroken. Jij bent vrij. Leef nu uit de wijsheid die God ook jou heeft geschonken.

KIES PARTIJ VOOR JEZELF
WIJ HEBBEN AILEMAAL ONZE schaduwkanten. Welke ‘draak’ trekt tegen jou ten strijde, welke negatieve macht dreigt jou te verslinden? Zijn het depressieve gevoelens of mensen tegen wie jij je niet kunt verdedigen omdat ze jouw hulpeloze kant raken? Ook in jou zelf is kracht. Jij kunt jezelf verdedigen. Je verdedigen betekent niet dat je een machtsstrijd voert tegen degene die jou bedreigt. Het gaat erom standvastig te zijn, op je eigen benen te blijven staan, partij te kiezen voor jezelf. En je hebt de agressie nodig om je te verdedigen, opdat de aanvallen van de ander jou niet verwonden. Wanneer jij in contact staat met jouw innerlijke kracht, dan hebben mensen geen macht over jou. Met deze kracht kun jij alle gedachten en gevoelens uit jou bannen die jou naar beneden willen trekken.
Wij moeten allemaal stevig in onze schoenen staan. Je kunt de volgende oefening doen om je eigen standvastigheid te voelen: ga stevig op je benen staan, de voeten ongeveer op heupbreedte uit elkaar. Zeg tegen jezelf: ‘Ik heb uithoudingsvermogen. Ik kan voor mijzelf opko­men. Ik kies partij voor mezelf’ Voel naar binnen of deze zinnen congrueren met jouw manier van staan. Ga dan met je benen dicht tegen elkaar aan staan, je schouders hoog opgetrokken en spreek dezelfde zinnen uit. En ga daarna met je voeten ver uit elkaar staan, zoals cowboys in wildwestfilms, en verdiep je in deze zinnen. Je zult zien dat de beide laatste houdingen in tegenspraak zijn met deze zin­nen. Wie een te bekrompen standpunt heeft, wie zich angstig vastklampt aan zichzelf, kan niet echt stevig staan. En wie zijn kracht wil demonstreren door al te wijdbeens te gaan staan, merkt helemaal niet hoe gemakkelijk hij omvergeduwd kan worden. Wie rust heeft gevonden in zichzelf, respectievelijk in God, staat stevig op zijn benen zonder zich krampachtig schrap te zetten. Hij heeft duidelijkheid over zichzelf. Hij is zoals hij is. En daaraan blijft hij trouw. Daarop kunnen anderen bouwen.

Bron: Anselm Grün, Boek van de levenskunst, Kampen 2003 (Lannoo/Ten Have)

 

MINOLTA DIGITAL CAMERA